Nood Conservatie van Vuur, Water en Rookschade

Vuur en rookschade

R

Rook- en roetschade komt vrij vaak voor bij schilderijen die dichtbij een open haard hebben gehangen, of in gemeenschappelijke plekken waar veel mensen hebben gerookt. Het zijn vaak kerkschilderijen die het meesten te lijden hebben gehad van dit soort schade, als gevolg van het opsteken van kaarsjes. Het meest opvallende aspect van rook- en roetschade is het verdonkeren van de verflaag en verlies van kleur. Grondige oppervlaktereiniging kan dit verhelpen.

Indien de verflaag blootgesteld is aan vuur of hoge temperaturen en als gevolgd daarvan is verschroeid of ‘blaren’ heeft ontwikkeld, is de vernislaag waarschijnlijk versmolten met de verflaag. In dat geval is behandeling complex, maar mogelijk. Bubbels en blaren kunnen bijvoorbeeld weer geëgaliseerd worden. Daarnaast kunnen vullingen en retouches het schilderij weer tot leven brengen.

Water damage

Geleden waterschade moet zo snel mogelijk behandeld worden omdat het de conditie van een schilderij zeer snel kan aantasten. Direct contact met water kan leiden tot deformatie van de drager, verlies van kleur, schadelijke spanningen en scheuren in het canvas, verkalking van de vernislaag en biologische contaminatie van de dragger en verflaag. In geval van contaminatie zal onmiddelijke behandelingen tegen fungi nodig zijn. In het algemeen kan gesteld worden dat schilderijen met waterschade een zeer gespecialiseerd behandelingsplan vereisen waarbij zeer gefaseerd het schilderij gedroogd wordt om verdere schade te voorkomen.